17/10/2026
Weet u of bij een OES-rasvereniging de Coëfficiënt van Inteelt (COI) wordt bepaald en is vastgelegd in het Verenigingsfokreglement (VFR)?
Maar wat houdt de Coëfficiënt van Inteelt (COI) nu precies in? Wij proberen u hierover wat meer algemene informatie te verstrekken.
De Coëfficiënt van Inteelt (COI) is een numerieke maatstaf die de waarschijnlijkheid kwantificeert dat twee kopieën van hetzelfde gen worden geërfd van een gemeenschappelijke voorouder. In eenvoudiger bewoordingen, het weerspiegelt hoe nauw verwant de ouders van een hond zijn binnen hun stamboom. Een hogere COI geeft een grotere kans aan dat de hond identieke genen erft van beide ouders, wat kan leiden tot een verhoogd risico op het doorgeven van genetische aandoeningen of gezondheidsproblemen.
In het kort gezegd komt de Coëfficiënt van Inteelt (COI) dus hierop neer: het geeft aan hoe nauw verwant de ouderdieren van een hond zijn en hoe groot de kans is dat een pup identieke genen van beide ouders erft.
Elke rasvereniging stelt een eigen Verenigingsfokreglement (VFR) op aan de hand van een verplicht format van de Raad van Beheer. In dit reglement mogen verenigingen zélf bepalen of zij een harde rekenkundige grens stellen aan de Coëfficiënt van Inteelt (COI).
Directe inteelt, zoals een combinatie tussen ouder x kind of broer x zus (wat een COI van 25% oplevert), is strikt verboden en is opgenomen in het VFR.
Zelfs met een COI rond de 8% of 9% valt dit nog steeds ruim binnen de regels van de Raad van Beheer. Het is immers geen directe paring tussen broer/zus of ouder/kind.
Maar is dit voldoende?
Het is bij een percentage tegen de 10% namelijk wel extra belangrijk om te kijken naar de erfelijke gezondheid. Omdat genen vaker dubbel worden doorgegeven, stijgt de kans dat eventuele verborgen (recessieve) erfelijke ziektes bij de pups tot uiting komen.
Juist omdat de OES populatie kleiner wordt, zou hier beter rekening mee gehouden moeten worden.
De COI wordt via stamboomdatabases (vaak over minimaal 5 tot 7 volledige generaties) berekend om verborgen verwantschappen dieper in de stamboom op te sporen. Hoe verder men terugkijkt, hoe nauwkeuriger het percentage.
Mocht bijvoorbeeld de overgrootouders van een pup zélf ook weer van deze over-overgrootouders afstammen, dan "stapelt" de inteelt zich op binnen dezelfde lijn. De totale inteeltcoëfficiënt komt in dat scenario uit rond de 7,81% tot 9,38% (afhankeliik van of het om één of meerdere gedeelde over-over-over-grootouders gaat).
Het is dus zaak dat een rasvereniging kritischer kijkt naar de COI binnen zijn gefokte ras.