14/08/2026
Diana ging het ziekenhuis in voor een geplande operatie aan haar aorta. Door complicaties werd één operatie er drie.
Ze was bekend met ziekenhuizen en operaties, en dacht dat het herstel de volgende dag kon beginnen. Maar het liep anders...
Diana lag langer op de IC dan verwacht, aan de beademing en aan ECMO.
“Toen ik langzaam wat wakker werd kon ik moeilijk slikken en had dorst. De IC-verpleegkundige vertelde dat ik nog een beademingstube in mijn mond en keel had.”
Op de IC voelde de voortdurende aanwezigheid van verpleegkundigen veilig. Ze waren dichtbij, handelden meteen als er iets piepte en konden haar geruststellen wanneer ze bang werd. Ook de kleine dingen bleven haar bij: de slushpuppy tegen de dorst, de uitleg over de apparaten en de fiets voor in bed, waardoor haar onrustige benen eindelijk konden bewegen.
Na een week mocht Diana naar de verpleegafdeling. Dat was een grote overgang. Minder directe zorg, meer prikkels en het besef dat het herstel nog lang niet klaar was.
Voor haar naasten voelde het ergste voorbij, maar voor Diana begon het toen pas. Haar lichaam moest herstellen, maar ook haar hoofd moest begrijpen wat er allemaal was gebeurd. In de revalidatie kon ze haar ervaring delen met mensen die begrepen hoe frustrerend herstel kan zijn als je hoofd sneller wil dan je lichaam kan.
“Deze hele periode is één van de heftigste uit mijn leven geweest, die ik niet snel zal vergeten. Met als tastbare herinnering mijn littekens en… de slushpuppy’s", eindigt Diana haar verhaal.