24/03/2026
Wanneer liefde verandert in bezit
Er is een plek in het hart van een moeder die niemand kan vervangen. Zij heeft gedragen, gewacht, gevoed, verdragen en offers gebracht waarvan alleen Allaah getuige was. Jarenlang kende zij haar kind zoals niemand hem kende.
Maar wanneer een zoon trouwt, kan er iets verschuiven. Niet altijd door wat er gebeurt, maar door hoe het hart onbewust is gaan kijken. Wat ooit een amaanah was, een toevertrouwde verantwoordelijkheid van Allaah, kan langzaam gaan voelen als iets dat van haar is.
Wanneer een moeder haar kind ziet als een verlengstuk van haar eigen wil, wordt elke verandering zwaar. Zijn verdeelde tijd, aandacht en verantwoordelijkheden kunnen pijn doen. En als die pijn niet wordt geleid door kennis en taqwah, kan liefde veranderen in controle, zorg in druk en nabijheid in strijd.
De Islaam herinnert ons dat wat ons is toevertrouwd, ons nooit werkelijk toebehoort. Een hart dat te gehecht raakt aan het wereldse zal onvermijdelijk worden beproefd. Families dragen vandaag littekens die niet ontstonden door één grote gebeurtenis, maar door jaren van spanning, jaloezie en vasthouden.
En wie profiteert van de breuk die hierdoor ontstaat? De Shaytaan. Hij verheugt zich wanneer familiebanden verzwakken en harten uit elkaar groeien.
Daarom is de vraag niet alleen: hoeveel houd ik van mijn kind? Maar ook: hoe zuiver is mijn liefde? Houd ik vast uit angst om te verliezen, of kan ik loslaten uit vertrouwen in Allaah? Ware liefde in de Islaam betekent niet bezitten, maar begeleiden. Niet eisen, maar wensen dat een ander slaagt in zijn verantwoordelijkheden, ook als onze eigen rol verandert.
Dit is geen beschuldiging, maar een uitnodiging tot tazkiyah. Een moment van spiegeling voordat wij terugkeren naar Allaah en gevraagd worden over onze amaanah; niet alleen hoe wij hebben grootgebracht, maar ook hoe wij hebben losgelaten.
Moge Allaah onze harten zuiveren, onze families beschermen tegen verdeeldheid en ons laten behoren tot degenen die bouwen in plaats van breken. Allaahumma Aamien.