04/09/2026
‘Tijdens een zeer rustige nachtdienst worden mijn collega en ik gewenkt door twee mensen op straat. “Misschien willen ze wat vragen” zeggen we tegen elkaar. Dus even verderop keert mijn collega de wagen en rijdt terug naar die twee mensen. Ik zie wat bezorgde gezichten en zodra ik mijn raam naar beneden doe snap ik waarom.
We horen een enorm gekrijs en geschreeuw. We stappen snel de auto uit. Het geschreeuw is intens hard. Het gaat echt door merg en been. Alsof er iemand vermoord wordt.
Al gauw hebben we door dat het geschreeuw uit een woning komt, waarvan het raam open staat. We rennen de flat in en hebben de woning snel gevonden. Daarom vragen we om versterking, omdat het goed mogelijk is dat de bewoner zich in een psychose bevindt.
Opeens stopt het geschreeuw. We bellen aan en kloppen op de deur, maar niemand reageert. Althans.. niet de man waarvan we een reactie willen. Wel horen we een snurkende ademhaling, weer gevolgd door een hele harde kreet. En dan is het weer stil…
We besluiten de voordeur te openen met onze speciale sleutel. Zodra we naar binnen gaan zien we een man op de grond liggen. Zijn bovenlijf is ontbloot en we horen weer die abnormale ademhaling.
We spreken de man een paar keer luid en duidelijk aan, checken zijn ademhaling maar hij reageert nergens op. Daarop besluiten we een ambulance op te roepen. We willen net beginnen met reanimeren als, uit het niets, de man ineens vol verbazing helemaal rechtop gaat zitten. Hij kijkt ons met grote ogen aan. “Hey! Wat doen jullie hier?” We vertellen hem wat er gebeurd is en waarom we hier zijn, alleen de man kan zich niks meer herinneren.
Later bleek dat de man een designerdrug had genomen in combinatie met een andere drug. De drugs hadden de controle over zijn lijf overgenomen, ondanks dat de man niet onbekend was met de drugs.
Gelukkig heeft de man deze keer geluk, maar hij beseft dat het ook heel anders had kunnen aflopen. Hopelijk is dit voor hem een wijze les.’