22/10/2026
DE JURIDISCHE STRIJD VOOR TRANSPARANTIE OVER DE VEE-INDUSTRIE X
Rendac haalt in opdracht van de overheid kadavers en dierlijk (rest-)materiaal op voor verwerking, vernietiging en/of herbestemming. Animal Rights vraagt al jaren specifiek om meldingen aan de NVWA over het aanbieden van levende dieren ter destructie.
De betrokken veehouders dienen daar, aangespoord door LTO en BBB/SGP, al even lang kansloze bezwaren tegen in.
🐔 Zo ook een kippenhouder uit Alteveer (gemeente Stadskanaal, provincie Groningen). Op 21 augustus 2025 zitten er in de kadavertonnen van het bedrijf twee kippen (“twee zieke kuikens”, volgens de veeboer) die niet dood waren. Dit betekent dat de verantwoordelijke dierhouder heeft nagelaten de dieren de nodige verzorging te geven. Het onthouden van deze nodige verzorging is een overtreding van artikel 2.2, lid 8, van de Wet dieren. Om ervoor te zorgen dat de eigenaar van het bedrijf deze overtreding in de toekomst voorkomt, legt de NVWA een last onder dwangsom op van € 1.500,- per overtreding.
Op 23 juni 2026 besluit de NVWA / de minister van LVVN deze informatie openbaar te maken.�Het bedrijf wil niet dat de naam of het adres geopenbaard wordt, maakt bezwaar en vraagt om een voorlopige voorziening.
Inmiddels bestaat er ruim zes jaar aan jurisprudentie van tal van rechtbanken en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, telkens betrekking hebbend op inhoudelijk exact hetzelfde Woo-verzoek van Animal Rights.
⚖️ Na afloop van de zitting op 12 oktober heeft de voorzieningenrechter het onderzoek gesloten en onmiddellijk uitspraak gedaan: �“Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter weegt in dit geval het belang van openbaarmaking zwaarder dan het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer.”
“Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verzoekster krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.”
Animal Rights gaat er vanuit dat veehouders en hun belangenorganisaties desondanks opnieuw rechtsmiddelen zullen aanwenden tegen vergelijkbare Woo-besluiten. De kansloosheid, en blijkbaar ook de kosten, maken deze partijen niets uit. Het gaat niet om het winnen van deze zaken, maar om pogingen om openbaarmaking te traineren, om transparantie over wat zij met dieren doen, te vertragen en het democratische proces dat streeft naar transparantie te saboteren.