Aandeelhouder Gelaense Vastelaovend Van kapel via Zoermoos Aete nao Mansluujzitting
De Soos van de Baan behoort tot de "aandeelhouders" van de Gelaense vastelaovend. Sinds de oprichting leidt de vereniging de optocht in goede banen en ongeveer vanaf het begin ontvangt ze "Sjtadsvastelaovesvereniging de Flaarisse" en de Prins op een ludieke maandagavondmaaltijd. Niettemin: een echte carnavalsclub is het niet, wel een vereniging met een zeer carnavaleske initiëringsdatum: 11 november 1957. Uit de statuten en het oude vergeelde huishoudelijk reglement van de Soos van de Baan blijkt dat de vereniging officieel op 1 februari 1958 is opgericht. Op de oudste carnavalsmuts van de Soos van de Baan staat deze datum dan ook fier op het logo.
Huub Kocken, voormalig drankhandelaar op de rijksweg noord was erbij tijdens de oprichting. Deze Geleendenaar pur sang heeft in het verleden gezegd: "Je gelooft het niet, maar de Soos is eigenlijk begonnen als muziekgroep. Als Waereldsjtadkapel, op initiatief van Jo Dieteren. Jo was toen net begonnen met zijn muziekinstrumentenzaak en hij zag een kapel wel zitten. Het initiatief ontstond op 11 november 1957 in Café Bertha Franssen. Jo vierde daar toen zijn verjaardag”.
Jo verdeelde de muzikale taken onder de aanwezigen, onafhankelijk van eventueel aanwezige muzikale talenten. Huub Kocken kreeg twee bekkens in zijn handen, maar wanneer hij daarmee nou precies moest slaan, dat werd hem ook tijdens de eerstvolgende repetities niet duidelijk. Niettemin trok de Waereldsjtadkapel in 1958 mee in de Geleense carnavalsoptocht, die toen nog op maandag trok en vanaf de Lindenheuvelse bloemenmarkt een lange tocht maakte door de Waereldsjtad.
De kapel bestond overigens voor een belangrijk deel uit aanvullende muzikanten uit Puth en de aanhang daarvan. De Soos van de Baan heeft in zijn bestaan altijd goede contacten gehad met de Pötter Bergkapel. Na de optocht moest er worden gegeten om een basis te leggen voor de avondlijke trektocht en dat gebeurde uiteraard bij Bertha Franssen.
Er was gezorgd voor royaal voldoende belegde broodjes voor de tien muzikanten, maar met aanhang waren er ruim dertig mee-eters. Die trokken ook allemaal mee door de cafés en ze dronken ook allemaal mee. Dat laatste vooral op kosten van Huub Kocken, die de kapel vooral langs zijn eigen klanten leidde en daar uiteraard rondjes gaf.
Het Bestuur
Het werd te veel en daarom werd in 1958 besloten en bestuur op te richten, dat de zaak in goede banen zou leiden. De bestuursleden van het eerste uur: Frans Keulers, Jozef Kremers, Wiel Terporten en Zef Hofman. In 1959 verliep het beter en er was zelfs een warme maaltijd na de optocht bij Bertha Franssen, verzorgd door de echtgenotes van de bestuursleden.
De Flaarisse Jean Janssen en Lex Guyaux ontdekten dat en aten mee.
Jean Janssen kondigde al meteen aan dat hij het komende jaar ook een dergelijke maaltijd verwachtte. Overigens: de muzikanten van buiten Geleen trokken niet meer mee en hun echtgenotes uiteraard evenmin.
Van Kapel naar Soos
Tussentijds had Huub Koeken, op de najaarskermis in Echt het fenomeen "Soos" ontdekt. Hij heeft meteen maar gevraagd hoe dat werkte en het leek hem wel wat. Op carnavalsmaandag werd het idee vastgelegd aan Wiel Terporten, op weg van het café van Bertha Franssen naar dat van Jean Janssen. "De Soos zou dan ook een wat breder draagvlak hebben: uit de buurt Rijksweg trokken zo'n honderd mensen mee in de optocht." Jean Janssen werd na carnaval ingelicht over het idee Soos en zag het weI zitten, onder de toevoeging: ''Ik kom weI bij jullie eten!" en zo geschiedde in de opvolgende jaren. Het "zoermoos aete", waar overigens lang geen zuurkool meer op tafel kwam vanwege de slechte verhouding tot bier, is gebleven. De laatste jaren komt er weer zoermoos op tafel naast boerenkool en wortelstamppot. Dat alles aangevuld met een lekker stukje wild enzovoort. Gasten van de Soos zijn op die avond de Flaarisse met de Prins, de Grootvorst met echtgenote, tegenwoordig aangevuld met de eventuele vriendin van de Prins, zijn adjudanten en zijn ouders. En hoe kan het ook anders: er wordt graag gebruik gemaakt van een glas gerstenat, door wijlen Gerrit van Hilten genoemd de "schone blonde". Math Quanjel, oud-Fortunaspeler werd vanaf het eerste uur lid van de Soos van de Baan (Baan is de oude naam voor de Rijksweg). Hij is helaas vlak voor zijn vijftigjarig jubileum moeten stoppen. Er wordt wel eens gekscherend gezegd Soos-lid dat blijf je voor het leven. "De vereniging bestond bij de oprichting voor een belangrijk deel uit middenstanders van de Rijksweg Noord en andere leden van de buurtvereniging. Later kon je lid worden door ballotage. En zo is het nu nog."
De Soos maakte verder naam met de Kastelentochten, een jaarlijkse autorit langs Limburgse kastelen die telkens veel deelnemers trok. Het toenemende verkeer en de strenge regelgeving maakten die ritten echter steeds moeizamer en dus stapte de Soos van de Baan over op een andere activiteit om gelden te fourneren voor onder andere het Zoermoos Aete: er werden Tiroler avonden bij Bertha georganiseerd, de muziek kwam van de Pötter Bergkapel. De Soos was sportief, hetgeen menigeen nu bestrijden zal, in de weekenden werd met het hele gezin gewandeld in de Ardennen. Over deze wandelingen worden nog vaak anekdotes aangehaald door Jacques Eggels.
Mansluujzitting
In 1983 is het idee van de Mansluujzitting geboren. Door die succesvolle activiteit is de Soos van de Baan wellicht momenteel nog het meest bekend in de regio, al is het Zoermoos Aete de oudste traditie, zelfs iets ouder dan de Soos van de Baan zelf. De Mansluujzitting was een idee van Jo Reulen, toenmalig voorzitter Zef Willems pakte het op en samen bouwden ze de zitting uit tot de unieke gebeurtenis die ze nu is. Chris Lotz: "Dat idee lanceerde hij op de kermis. Hij had zo'n zitting in Kerkrade meegemaakt en liep er al enkel maanden op te broeden. " voormalig voorzitter Thei Simons: "Het succes van de Mansluujzitting is te danken aan het feit dat we het samen met ons publiek netjes houden. De Soos zorgt voor goede exclusieve artiesten en grote dans- en muziekgroepen, de mannen zorgen voor de ambiance. Het programma is ieder jaar een verrassing en wordt de laatste jaren samengesteld door Marc Baggen, Ralf Klinkers en Jack klinkers.
De Soos is vol lof over de mannen uit Geleen en omgeving, zij komen uitsluitend voor de gezelligheid. het is de dag van het jaar om oude vriendschapsbanden opnieuw aan te knopen.
Soosleden doet het nog altijd pijn dat het café van Bertha Franssen is gesloten. De Soos was lang "heel intiem" met Bertha Fransen. "We kwamen er, als leden, vroeger iedere zaterdag. Het is ook altijd de plek geweest van de meeste activiteiten, zoals het zoermoos aete en het uitroepen van de Heëringprinses, een jaarlijkse traditie vol hilariteit die helaas niet meer bestaat."
Iedere sooslid heeft de tweede maandag van de maand vast in zijn agenda geblokkeerd voor de soosvergaderingen, die na de sluiting van café Berta Franssen zijn verplaatst naar restaurant “De Lijster” en tegenwoordig plaatsvinden in de Hanenhof. ''Het is een Ieuke en niet al te serieuze club en dat moet zo blijven. Woonden de Soosleden voornamelijk aan de Baan, tegenwoordig komen ze uit alle wijken van Geleen en zelfs daarbuiten, al hebben ze dan wel een band met Geleen. Vroeger waren we vooral bekend als de club die de optocht leidde, maar we voelden ons geen carnavalsvereniging. Nu nog niet trouwens. De outfit van de Soos bestaat vanaf het begin uit een bolhoed en smoking. De carnavalssteek wordt alleen gedragen op carnavalsactiviteiten. Door de Mansluujzitting zijn we meer naar buiten getreden." Aan de doelstelling uit ons huishoudelijk reglement houden we vast: "Het bevorderen van een hechte vriendschapsband tussen de leden".
Hoe lang een Sooslid lid blijft? Héél lang.
Bert Salden & Thei Simons