06/06/2026
Mijn jongste dochter is inmiddels 11. Laatst liep ik de apotheek binnen en daarnaast zit een winkel met hulpmiddelen. Ik liep daar even naar binnen en daar stond hij ineens weer: de welbekende do**hekruk.
In één klap was ik terug.
Terug naar mijn HG-zwangerschap. Dagen op bed. Het liefst in het donker. Met mijn Remia frietsausemmer naast me – mijn beste vriend in die tijd. Het enige wat ik een beetje binnenhield waren blokjes kaas en af en toe wat siroop. En zelfs dat was altijd tijdelijk. Ik kon er soms heel even van genieten, maar wist: over een paar minuten moet ik die emmer weer pakken. Mijn lichaam kende het ritueel inmiddels. Ik ook. Ik ging alvast “klaar zitten”, omdat ik precies wist wat er ging komen. Een soort geoefende overlever, al voelde het allesbehalve zo.
Met mijn emmer strompelde ik dan naar de badkamer. Daar stond mijn kruk. Mijn plek. Ik zette de do**he aan en ging zitten, terwijl de regendo**he over me heen stroomde. Even een paar minuten van verlichting, hoe klein ook. Ondertussen hoorde ik op de achtergrond mijn man, die mijn emmer weer schoonspoelde. Zonder woorden, gewoon doen. Omdat dat was wat nodig was.
Daarna hielp hij me weer overeind. Schoof de kruk een stukje op, zodat ik me kon afdrogen. Kleine handelingen die op dat moment alles waren.
Zo ging het. Dag na dag.
En die kruk? Die bleef nog zeker twee jaar na de bevalling in onze badkamer staan. Alsof we hem nog niet helemaal los konden laten. Of misschien omdat hij een stille getuige was van een periode die zo intens was, dat je hem niet zomaar achter je laat.
En gek genoeg… terwijl ik daar in die winkel stond, voelde ik het weer even. Niet alleen de zwaarte, maar ook de kracht die het kostte om daar elke dag weer doorheen te gaan. En terwijl ik daar stond, wist ik: ik zou het nooit meer willen meemaken… maar ik ben wel trots dat ik het heb overleefd.
Jessica - HG ervaringsdeskundige / bestuurslid ZEHG
**hekruk