Je kunt bij ons terecht voor cliëntondersteuning, als je problemen hebt met instanties of als je niet de hulp krijgt waar je recht op hebt. De paniek over het gebruik van ma*****na is nog niet geluwd, of de heroïne-epidemie dient zich aan. De Opiumwet, waarin de scheiding tussen soft en harddrugs is aangebracht, treedt pas in 1976 in werking. Voor die tijd kenmerkte ook het Nederlandse beleid zich door een War on Drugs. De hulpverlening was gericht op drugsvrij leven en repressie moest het gebruik van heroïne zo onaantrekkelijk mogelijk maken. Van harm reduction, maatregelen om de gezondheid van druggebruikers te bevorderen zonder stoppen met gebruik als voorwaarde te stellen, had men nog nooit gehoord. Binnenstadbewoner Johan Riemens ziet de noden van de heroïnegebruiker en besluit in 1977 tot oprichting van de Medisch-sociale Dienst Heroïne Gebruikers. Met steun van straathoekwerker August de Loor, een aantal artsen, apothekers, burgers en ouders van verslaafde jongeren bepleitte hij laagdrempelige drugshulpverlening met daarin verstrekking van vervangende middelen. Riemens zocht naar een derde weg ”De negatieve spiraal zal niet doorbroken worden door de jongens en meisjes die heroïne gebruiken te verstoten uit de samenleving en via de straat, psychiatrische inrichtingen en gevangenissen te humaniseren” (uit: L. de Jonge, Belangenvereniging Druggebruikers MDHG 1977-1997. Twintig jaar in een roes van overwinning, Amsterdam; 1997). Een eerste stap op weg naar erkenning. Halverwege de jaren tachtig werd het MDHG initiatief tot spuitomruil ook landelijk gedragen en was laagdrempelige methadonverstrekking een feit.