16/06/2026
Artikel Brabants Dagblad
Het JBZ was er niet geweest zonder de Duitse zusters'
JARRY POPELIER
Er was een tijd dat vluchtelingen met open armen werden ontvangen in de stad Den Bosch. Exact 150 jaar geleden kwamen de eerste Duitse zusters naar de stad en verbeterden zij de zorg drastisch. "Zonder deze zusters was het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch er nooit geweest, in ieder geval niet op zo'n grote schaal", vertelt René Dupuis (64).
Jarry Popelier
Den Bosch
De zusters uit het Duitse Trier werden met open armen ontvangen. Dit fascineert Bosschenaar Dupuis. "In de jaren zeventig zag je nauwelijks meer Caroluszusters in onze ziekenhuizen, het decennium daarvoor kwam dat kantelpunt al. Maar er zijn nog genoeg mensen die ze hebben meegemaakt."
Dupuis is er zelf een van. "Mijn vader was hoofdportier van het Groot Ziekengasthuis, zo kwam ik er vaak. In de zomervakantie verrichtte ik zelf portiersdiensten."
In zijn vakantieperiodes speelden de zusters een marginale rol in de zorgverlening, maar dat was 150 jaar geleden wel anders: onder het bewind van een protestantse bondskanselier voelden de katholieken zich steeds minder thuis in Duitsland. De zusters van Carolus Borromeus vonden een veiliger oord in Den Bosch.
Op 12 mei 1876 worden de vijf vrouwen hartelijk ontvangen door het bisdom en zij gaan aan de slag in het ziekenhuis aan de Jan Heinstraat.
De kwaliteit van hun zorgverlening, waarvoor dan nog geen opleiding bestaat, is vele malen hoger dan de Bosschenaren eigenlijk gewend zijn. De patiënten worden niet meer alleen verpleegd, maar ook genezen.
Dupuis gebruikt de verhalen van Verhoeven
"Omdat hun zorg zo goed was, haalde het 'Groot' in 1880 ook zusters uit Trier hiernaartoe", zegt Liesbeth Verhoeven (76). Verhoeven maakt, net als Dupuis, onderdeel uit van de werkgroep die in aanloop naar het 150-jarig jubileum diverse lezingen verzorgde.
Dupuis gebruikt de verhalen van Verhoeven in zijn lezingen. Zij liep stage in alle vier de ziekenhuizen die de stad vanaf 1914 rijk was en maakte de zusters in die hoedanigheid mee. Op drie locaties werd gebruikgemaakt van de Duitse handen aan het bed. Duitse zusters in een bezet land — dat moet toch voor spanning hebben gezorgd? Verhoeven schudt het hoofd.
Een klokje om mensen te bedanken
"In het Carolus had je schuilkelders, waar buurtgenoten mochten onderduiken. Al in 1944 kregen de zusters van de bewoners een klokje om hen te bedanken."
Dupuis en Verhoeven doen hun verhaal in het klooster aan de Hervensebaan. Tot 2019 was dit de thuishaven van de zusters, hierna vertrokken de laatste zusters naar Sint-Jozefoord in Nuland, waar nog steeds vijf Caroluszusters wonen.
Parallel aan het verleden wonen er nu arbeidsmigranten in het klooster — een feitje waar Dupuis van smult. "Ik probeer altijd de link met het heden te zoeken, vooral om het verleden beter te begrijpen."
Mensen hebben er geen weet van
Dupuis is gepensioneerd ICT'er en actief als stadsgids. "Veel Bosschenaren hebben geen weet van wat zich hier allemaal heeft afgespeeld. Daarom verzorgen wij op vrijdagochtend Caroluswandelingen om heden en verleden met elkaar te verbinden. Er zijn zó veel plekken in de stad waar je bijna dagelijks langskomt, maar niet weet welke betekenis die plek heeft."
Daarmee zijn de voetsporen van de Duitse zusters nog steeds duidelijk aanwezig in de hedendaagse stad.