26/08/2026
Zorgorganisaties houden ervan om te spreken over “lean staffing”.
Lean voor wie?
Want wie die beslissing neemt, gaat meestal om vijf uur naar huis.
Wie met de gevolgen moet leven, zit om acht uur ’s avonds nog altijd te rapporteren.
Ergens op een kantoor beslist iemand dat één verpleegkundige minder “wel haalbaar” moet zijn.
Niemand vraagt het aan de verpleegkundige die er plots extra patiënten bij krijgt.
Niemand vraagt het aan de zorgkundige die twee afdelingen moet opvangen.
Niemand vraagt het aan de kinesitherapeut, ergotherapeut, logistiek medewerker, psycholoog of andere zorgprofessional die plots extra werk en verantwoordelijkheid krijgt.
De zorg heeft er een gewoonte van gemaakt om beslissingen te nemen waarvan de gevolgen altijd door iemand anders worden gedragen.
En vervolgens is iedereen verbaasd wanneer het personeelsverloop stijgt.
Mensen verlaten de zorg niet omdat het werk zwaar is.
Het werk is altijd zwaar geweest.
Mensen vertrekken omdat ze het beu zijn om telkens opnieuw de oplossing te moeten zijn voor besparingen en beslissingen die van bovenaf worden genomen.
De werkvloer lost het wel op.
De werkvloer lost het altijd op.
Tot op een dag blijkt dat het niet meer lukt.
En meestal is dat de dag waarop er opnieuw een ontslagmail binnenkomt.
Want je kan blijven besparen op mensen, tot er niemand meer overblijft om het werk op te vangen.