20/05/2026
Wat moet er nog gebeuren vooraleer onze regering eindelijk stopt met spreken in fluwelen volzinnen?
Een Israëlische minister die tussen geboeide activisten wandelt, hen beschimpt, met vlaggen zwaait en hun vernedering verspreidt op sociale media alsof het een trofee betreft. Mensen op hun knieën. Vastgebonden. Met het gezicht tegen de grond gedrukt.
Belgische burgers zitten tussen die gevangenen.
Hoe kan het dat dit land daar niet collectief van rechtveert?
Waar zitten de voorzitters van de democratische partijen? Waar blijven de grote verklaringen? Waar is het parlementaire vuur? Waarom klinkt alles alsof men bang is om té duidelijk te zijn tegen een regering die openlijk menselijke vernedering inzet als propaganda?
Dit overstijgt diplomatie. Dit overstijgt partijpolitiek. Dit raakt aan de absolute ondergrens van menselijkheid.
Activisten brengen hulp naar een uitgehongerde bevolking en worden behandeld als decorstukken in een machtsvertoning voor sociale media. Dat een regeringslid daar zichtbaar genoegen uit haalt, maakt het nog hallucinanter. Zulke beelden verwacht je van regimes waar Europa doorgaans met morele superioriteit lessen democratie aan geeft.
De Belgische regering moet stoppen met voorzichtig balanceren tussen verontwaardiging en angst om bondgenoten tegen zich in het harnas te jagen. Een ambassadeur ontbieden volstaat niet wanneer fundamentele rechten voor de ogen van de wereld vertrappeld worden.
Wanneer vernedering live wordt uitgezonden door een minister en de wereld daarna vooral reageert met ingehouden persberichten, dan verschuift er iets gevaarlijks. Dan wordt de grens van het onaanvaardbare centimeter per centimeter opgeschoven tot niemand nog weet waar ze ooit lag.
Nooit meer.
Jullie vakbondsvriend met humor en rendement